Een gehoorimplantaat is een hulpmiddel voor mensen met zeer ernstig gehoorverlies. Het is bedoeld voor mensen die niet genoeg hebben aan een hoortoestel of geen hoortoestel kunnen gebruiken. Een gehoorimplantaat kan een oplossing zijn bij een gehoorverlies van meer dan 70 dB en als spraak verstaan moeilijk is.
Als een gehoorimplantaat mogelijk geschikt is voor u, bespreekt uw audicien de vervolgstappen met u en kan deze u doorverwijzen naar een kno-arts of audiologisch centrum.
Een hoortoestel versterkt geluid. Het is een uitwendig hulpmiddel dat u in of achter uw oor draagt. Voor veel mensen met gehoorverlies is een hoortoestel een goede oplossing.
Een gehoorimplantaat werkt anders. Het bestaat uit een uitwendig én een inwendig deel. Het inwendige deel wordt tijdens een operatie geplaatst. Een gehoorimplantaat kan helpen als een hoortoestel niet genoeg helpt of niet gebruikt kan worden.
Er zijn verschillende soorten gehoorimplantaten. Bij sommige implantaten wordt het geluid via het bot naar het binnenoor geleid. Andere implantaten sturen geluid direct naar de gehoorzenuw. Zo wordt een deel van het oor omzeild, zoals de gehoorgang, het trommelvlies of de gehoorbeentjes. Hierdoor kunnen mensen met ernstig gehoorverlies soms toch weer beter horen.
Er zijn verschillende soorten hoorimplantaten. De twee meest voorkomende zijn een cochleair implantaat (CI) en een botverankerd hoortoestel (BAHA).
Welk implantaat geschikt is, hangt af van de oorzaak en de ernst van het gehoorverlies.
Een botverankerd hoortoestel bestaat uit twee delen: een uitwendig deel en een inwendig deel.
Tijdens een operatie plaatst de kno-arts een klein titaniumimplantaat in het bot achter het oor. Na een tijdje groeit het implantaat vast in het bot. Daarna wordt de geluidsprocessor met een magneet op het implantaat bevestigd. Deze is ook eenvoudig weer te verwijderen.
Een botverankerd hoortoestel (BAHA) kan op alle leeftijden een goede oplossing zijn als u geen gewoon hoortoestel kunt dragen of als een hoortoestel niet voldoende helpt. Een BAHA is bijvoorbeeld geschikt voor:
Een BAHA werkt het beste als het binnenoor aan minimaal één kant goed werkt.
Voordat u de operatie voor een botverankerd hoortoestel krijgt, bespreekt u met de KNO-arts aan welke kant het implantaat wordt geplaatst. Hierbij kijkt de arts bijvoorbeeld naar uw dagelijks leven, uw werk en de kant van het gehoorverlies. De operatie gebeurt onder narcose en duurt ongeveer een uur. Na de operatie ziet u een deel van het implantaat achter het oor. Dit deel van de schroef steekt door de huid heen.
Bij kinderen gebeurt de operatie meestal in twee stappen. Eerst wordt het implantaat in het bot achter het oor geplaatst. Na twee tot drie maanden, wanneer het goed is vastgegroeid, plaatst de KNO-arts het tweede deel dat door de huid heen komt.
De ervaringen met een BAHA verschillen per persoon. Hieronder leest u de belangrijkste voordelen en nadelen.
Voordelen van een BAHA:
Nadelen van een BAHA:
Een cochleair implantaat bestaat uit een uitwendig deel en een inwendig deel. Deze twee delen zijn met elkaar verbonden via een magneet.
De nieuwste cochleaire implantaten maken gebruik van moderne technologie en kunnen extra functies bieden voor een optimale hoorervaring.
Een cochleair implantaat (CI) is bedoeld voor mensen van alle leeftijden met ernstig gehoorverlies, waarbij een gewoon hoortoestel niet meer voldoende helpt. Dit kan bijvoorbeeld gaan om:
Een CI kan alleen werken als de gehoorzenuw en de delen van de hersenen die geluid verwerken nog goed functioneren. Voordat u een CI krijgt, doet de KNO-arts verschillende onderzoeken. Hiermee wordt bekeken of een CI geschikt is voor uw situatie.
Ook voor kinderen kan een cochleair implantaat (CI) een goede oplossing zijn. Kinderen met ernstig gehoorverlies kunnen vanaf ongeveer 12 maanden in aanmerking komen voor een CI. Een vroege plaatsing helpt kinderen om zich goed te ontwikkelen en geluiden te leren herkennen tijdens een belangrijke periode voor de ontwikkeling van taal.
Na het plaatsen van een CI krijgen kinderen intensieve begeleiding bij het leren luisteren en spreken. Met spraak- en taaltherapie wordt gewerkt aan het beste resultaat met het implantaat.
Kinderen komen in aanmerking voor een cochleair implantaat als zij:
Denkt u dat uw kind ernstig gehoorverlies heeft? Neem dan contact op met uw huisarts of KNO-arts. De KNO-arts kan het gehoor van uw kind onderzoeken en beoordelen of een cochleair implantaat mogelijk geschikt is.
Een cochleair implantaat wordt tijdens een operatie onder narcose geplaatst. De operatie duurt ongeveer twee uur. Dit hangt af van de vraag of u een implantaat in één of beide oren krijgt.
Na de operatie hoort u niet direct beter. De spraakprocessor, die geluiden omzet in signalen, wordt meestal pas na ongeveer vier weken aangesloten. Daarna start de revalidatie. U volgt luistertrainingen om te leren omgaan met het cochleair implantaat en er zo goed mogelijk mee te horen.
We spreken van eenzijdig gehoorverlies als u aan één oor gehoorverlies heeft. Heeft u aan beide oren gehoorverlies, dan noemen we dat bilateraal gehoorverlies.
Bij ernstig tot zeer ernstig gehoorverlies aan beide oren kan een cochleair implantaat in beide oren worden geplaatst. Dit wordt bilaterale implantatie genoemd. Hierdoor kunt u geluiden beter lokaliseren en spraak vaak beter verstaan, ook in een drukke omgeving.
Bij dove kinderen kan een cochleair implantaat helpen bij de ontwikkeling van horen en spreken. Vaak wordt eerst één implantaat geplaatst. Als later ook het tweede implantaat wordt geplaatst, bijvoorbeeld na meer dan twee jaar, kan dit de ontwikkeling van gesproken taal verder ondersteunen.
De ervaringen met een CI verschillen per persoon. Hieronder leest u de belangrijkste voordelen en nadelen.
Voordelen van een cochleair implantaat:
Nadelen van een cochleair implantaat:
Gebruikt u een cochleair implantaat in één oor? Dan kan een hoortoestel in het andere oor helpen om uw restgehoor beter te benutten. Sommige hoortoestellen kunnen samenwerken met een cochleair implantaat. Welk hoortoestel het beste bij u past, hangt af van het merk van uw CI en uw persoonlijke hoorwensen.
Voor een hoortoestel dat samenwerkt met uw cochleair implantaat heeft u een verwijzing van de audioloog nodig. Met deze verwijzing kunt u terecht bij Beter Horen voor een passend hoortoestel. Mogelijk komt u ook in aanmerking voor een vergoeding vanuit uw zorgverzekeraar.
Het inwendige deel van een cochleair implantaat gaat meestal een leven lang mee. Het is gemaakt van duurzaam materiaal en hoeft daarom meestal niet te worden vervangen. De geluidsprocessor, het uitwendige deel van het cochleair implantaat, kan na verloop van tijd wel aan vervanging toe zijn.
Ervaart u problemen met de geluidsprocessor of werkt deze niet meer goed? Bespreek dit dan met uw KNO-arts. Die kan beoordelen of vervanging nodig is.
Of een BAHA of een cochleair implantaat (CI) het beste bij u past, hangt af van de oorzaak, uw situatie en de ernst van uw gehoorverlies. Een BAHA is vaak geschikt bij een probleem in het middenoor of de gehoorgang, terwijl een cochleair implantaat meestal wordt overwogen bij zeer ernstig gehoorverlies door een probleem in het binnenoor.
Een gehoorimplantaat wordt alleen geplaatst na een medisch onderzoek. De KNO-arts en het CI-team beoordelen of een BAHA of cochleair implantaat geschikt is voor uw situatie. Hiervoor is een verwijzing van uw huisarts of medisch specialist nodig.
Merkt u dat uw gehoor wat afneemt? Kom dan langs voor een gratis en vrijblijvende gehoortest. Tijdens de hoortest brengen we uw gehoor in kaart. Zo krijgen we binnen 45 minuten een goed beeld van uw gehoor en kunnen we samen op zoek naar een oplossing.
Een BAHA (botverankerd hoortoestel) en een cochleair implantaat (CI) werken op een andere manier.
De hersteltijd verschilt per persoon en hangt af van het type implantaat en uw situatie. Na de operatie heeft uw lichaam tijd nodig om te herstellen.
Bij een cochleair implantaat wordt de geluidsprocessor pas later aangesloten. Daarna begint de periode van wennen en trainen.
Het inwendige deel van een gehoorimplantaat gaat meestal een leven lang mee. Het uitwendige deel, zoals de geluidsprocessor, kan na verloop van tijd vervangen moeten worden.
Heeft u problemen met uw implantaat of processor? Bespreek dit dan altijd met uw KNO-arts.
Ja, met een BAHA of cochleair implantaat kunt u meestal gewoon vliegen en zwemmen. Tijdens het zwemmen moet u de geluidsprocessor wel verwijderen en droog bewaren. De meeste watersporten zijn mogelijk, maar diep duiken wordt afgeraden vanwege de druk op het oor.
Ook vliegen is meestal geen probleem. Heeft u een verkoudheid of problemen met uw neus of oren? Dan kan vliegen soms minder prettig zijn door drukverschillen. Bespreek bij twijfel uw situatie met uw KNO-arts.