naar het overzicht van verhalen
- Louis vertelt
- Het begon met een stevige verkoudheid in de jaren “70. Je kent het wel: dat je oren helemaal dichtzitten. De verkoudheid ging weer over, maar ik hoorde rechts bijna niets meer. Uit de gehoortest bleek dat ik inderdaad bijna doof was aan één oor, maar de huisarts en KNO-arts konden geen oorzaak vinden.
Niet alle gehoorbeentjes
Uiteindelijk heeft professor Feenstra van het VUMC in Amsterdam onder lokale verdoving een snede gemaakt in het trommelvlies om in het binnenoor te kijken. Hij zag dat ik een gehoorbeentje miste: het aambeeld. Waarschijnlijk is dit een aangeboren afwijking. De vraag was niet meer waarom ik rechts bijna doof was, maar hoe ik jarenlang rechts wél kon horen. Waarschijnlijk kon dat doordat de andere gehoorbeentjes in mijn oor heel dicht bij elkaar zitten.
Zeven of acht operaties volgden, waarbij ik steeds een kunst- of donoraambeeld kreeg. Na elke operatie was mijn gehoor weer goed, maar na enkele weken viel het weer weg. Uiteindelijk bedacht professor Feenstra een constructie waarbij het aanbeeld als het ware vastzat aan de stijgbeugel en de hamer. Hiermee kon ik weer enigszins horen, maar ik hield een verlies van meer dan 40%.
Leven met slechthorendheid
Mijn huisarts dacht dat een hoortoestel niet zou helpen, dus ik maakte er dus maar het beste van. Links hoorde ik nog prima, maar ik ondervond veel hinder van het zware hoorverlies aan één oor. In gezelschappen kon ik conversaties niet volgen. Mijn vrouw moest altijd voor mij ‘vertalen’. Ik ging me daarvoor schamen en had het gevoel dat mensen dachten dat ik achterlijk was. Bij feestjes en andere bijeenkomsten bleef ik daarom vaak weg. In de auto voelde ik me onveilig, omdat ik niet kon bepalen uit welke richting een sirene, een claxon of een ander geluid kwam. Dat had ik ook als ik over straat liep.
Een hoortoestel
Tien jaar later liet ik nog eens een hoortest doen. Mijn mond viel open van verbazing toen de KNO-arts vroeg of ik wel een hoortoestel had overwogen! Hij verwees me door naar Beter Horen, in hetzelfde ziekenhuis, waar ik een klein in-het-oor hoortoestel van Philips kreeg aangemeten. Er ging een nieuwe wereld voor mij open. Ik hoorde weer perfect, kon alles verstaan en voelde me weer veilig in het verkeer.
Vergoedingen
Normaal gesproken zou ik niet voor een vergoeding voor het hoortoestel in aanmerking komen. Links hoor ik immers nog prima en je krijgt alleen een vergoeding als je beste oor minimaal 35 dB hoorverlies heeft. De mensen die dit beslissen zouden eens een week met een watje in het oor moeten lopen, om te ervaren hoe het is om maar met één oor te horen! Het heeft een enorme invloed op je sociale leven en op je gevoel van veiligheid.
Gelukkig benaderde de audicien van Beter Horen mijn verzekering. Hij schreef een brief waarin hij uitlegde dat een hoortoestel voor mij noodzakelijk was. Ik weet niet wat hij erin zette, maar het werkte: ik kreeg mijn hoortoestel vergoed.
Derde hoortoestel
Inmiddels heb ik mijn derde hoortoestel en ik draag het bijna altijd. Ik transpireer vrij veel en daarom raken de filters van mijn hoortoestel snel verstopt. Bij Beter Horen hebben ze me laten zien hoe ik zelf de filters kan vervangen. Buiten deze onvolkomenheid ben ik heel blij met het hoortoestel en zeer tevreden over de begeleiding van Beter Horen.
Wilt u ook weten of u baat heeft bij een hoortoestel? Maak dan een afspraak.




